In de zomer van 2018 planden mijn vriend en ik voor het eerst een lange reis met zijn twee kinderen. Na lang zoeken naar een tropische, avontuurlijke, afwisselende én betaalbare bestemming kwamen we uit op Panama. Dit is niet meteen een voor de hand liggende bestemming, maar na het lezen van een aantal blogs over Panama waren wij erg enthousiast om dit land te leren kennen.
Panama is een bestemming met erg veel opties: stad, strand, bergen... En dat allemaal op relatief korte afstand van elkaar. Bovendien is er een enorme keuze aan activiteiten die je kan doen met kinderen, al zijn deze vaak wel aan de duurdere kant. Maar bijna alles wat we gedaan hebben met de kinderen, zouden we ook doen moesten we op reis zijn zonder hen.
In deze blogpost schrijf ik de 3 grote thema's van deze reis: stad, strand en bergen. Wil je meer praktische informatie over onze reis naar Panama? Lees dan zeker ook mijn andere blogpost over Panama (die onderweg is :-).
Iedereen die Panama bezoekt, spendeert zonder twijfel één of meerdere dagen in Panama stad, ook het het New York van Midden-Amarika genoemd. En als je de skyline ziet, dan begrijp je de vergelijking helemaal. Wij bleven 2 dagen aan het begin en 1 dag aan het einde van onze reis in Panama stad.
Het Biomuseo is vooral een aanrader als je met kinderen reist, al vind ik een bezoek aan een museum rond planten / dieren zelf ook altijd interessant. In het Biomuseo (dat trouwens gevestigd is in een bijzonder gebouw van Frank Gehry) leer je over de fauna en flora van Panama aan de hand van een aantal interactieve themaruimtes. In elke ruimte staat een gids klaar, die vloeiend Engels spreekt. Alle gidsen waren zeer bereid om extra uitleg te geven als ze voelen dat je kinderen (of jij) interesse tonen.
Het Metropolitan National Park is een natuurpark in het midden van de stad. Wij gingen er naar toe op het einde van onze reis omdat we nog steeds geen luiaards gezien hadden. En in het Metropolitan National Park zitten er ongeveer 24 op 2 vierkante kilometer... dus hier zou het moeten lukken. En inderdaad, met de hulp van de gids zagen we 2 luiaards, die zich weliswaar erg hoog in een boom verstopt hadden. Gelukkig had de gids een camera met uitstekende zoomlens, waardoor we de luiaards toch een beetje beter konden zien. Daarnaast was het vooral erg warm in het park en zagen we niet erg veel andere dieren. Het uitzicht op de stad is wel bijzonder.
Casco Viejo is de bekendste toeristische wijk van Panama. Deze oude wijk is helemaal opgeknapt en zit nu vol hippe restaurantjes, dure guesthouses en leuke souvenirwinkeltjes. Het is zeker aan te raden om er lekker te gaan eten en nog wat toffe souvenirs te kopen voor je naar huis vertrekt. Wij waren grote fan van de taco's van Coyo Taco, dat net buiten het centrum van Casco Viejo ligt, maar zeker een bezoekje waard is.
En dan natuurlijk: het Panamakanaal. Je kan Panama niet bezocht hebben zonder het beroemde kanaal te zien. Wij gingen, zoals zoveel andere mensen, naar het Miraflores visitor center. Als je geïnteresseerd bent in hoe het kanaal ontstaan is, is dit zeker een boeiende plek. Bovendien kan je er vanop verschillende terrassen de boten door de grote sluis zien varen. Maar als je met kinderen reist, die vooral 'grote boten' willen zien, is het visitor center wel erg duur (20 USD/persoon). In onze reisgids zagen we achteraf dat een je een beetje verder ook perfect de boten kan zien vanop een viewpoint, waarvoor je niet moet betalen... Dat was voor ons een betere optie geweest.
In Panama kan je zowel de 'Pacific' als de 'Caribbean' kust ontdekken, wij waren sowieso van plan om de Pacific kant te doen. Of we nog de oversteek zouden maken, lieten we van het weer en de ervaringen van andere reizigers die we tegenkwamen afhangen. Uiteindelijk zijn we er niet geraakt, vooral omdat iedereen met horrorverhalen van erg veel regen terugkwam. Terwijl wij in het regenseizoen! amper regen gezien hebben in Panama.
Na onze korte stop in het drukke Panama city wilden wij erg graag gaan 'chillen' aan het strand. We hadden een aantal dagen geboekt in Playa Venao, een afgelegen strand dat vooral populair is onder surfers. Helemaal op het einde van het strand, boekten wij het prachtige huisje 'Casa Kai' bij Venao Cove. Hoewel ik nog nooit op een surfboard gestaan had, begreep ik na een uurtje surfles helemaal waarom surfen zo verslavend kan zijn. De rest van de vakantie hebben we allemaal nog ettelijke uren op een surfboard gelegen en geprobeerd om de golven te trotseren.
Een van de voornaamste redenen waarom we naar Playa Venao wilden reizen was omdat het whale-watching seizoen net van start was gegaan. En mijn vriend zijn gezin (ik inclusief) vinden beesten in hun natuurlijke habitat zien echt geweldig. Dus boekten we een combinatie van een whale-whatching en snorkel trip naar 'Isla Iguana'. Nog onderweg naar het eiland kregen we al meteen waarvoor we gekomen waren. 3 walvissen (2 grote, 1 jong) kwamen boven om te ademen. We konden meer dan een uur lang in het spoor van de dieren varen. Hoewel de kinderen het 'niet eerlijk' vonden, waren wij erg blij met onze schipper / gids. Hij bewaarde mooi afstand van de dieren en ging vooral nooit tegen hun richting in varen. In tegenstelling tot de andere boot die bijna op de dieren ging varen. Na wat uitleg begrepen de kinderen uiteindelijk ook wel dat wat afstand houden uiteindelijk toch de beste manier is om deze prachtige dieren te bewonderen.
Na het walvissen kijken werden we nog afgezet op Isla Iguana waar we op het tropische strand konden snorkelen, zwemmen, relaxen,... Aan de andere kant van het eilandje ontdekten we een kleine 'natuurlijke jacuzzi' waar we heerlijk in konden zitten.
Een andere reden waarom we naar Playa Venao afgezakt waren, was het schildpadden seizoen (wanneer de schildpadden eieren komen leggen op het strand). Maar onze reisgidsen gaven zeer tegenstrijdige informatie en uiteindelijk bleek dat juli echt te vroeg is hiervoor.
Omdat we niet naar de Carribean kust gingen, besloten we nog een aantal dagen richting Santa Catalina te reizen. Een beetje minder afgelegen dan Playa Venao, maar toen ik een apotheek zocht, bleek die toch op een dik uur rijden te zijn... Maar in Santa Catalina heb je wel een grotere keuze aan restaurantjes en bars waar je naartoe kan 's avonds.
Santa Catalina staat ook gekend als een 'surfers paradise', dus ook hier hebben we een board gehuurd en een dag niets anders gedaan dan in de golven gelegen tot de zon onderging. Maar daarnaast kan je op het strand van Santa Catalina (de andere kant van het dorpje waar alle surfers zijn) ook prachtige schelpen rapen en wandelen langs het strand.
Een andere troef van Santa Catalina is dat het vlak bij Isla Coiba ligt, de beste duiklocatie van Panama. Ondanks een grote 'airco-verkoudheid' heb ik geprobeerd om daar te duiken. (slecht idee) maar het is er wel prachtig om te duiken. Geen koraal te zien, maar wel veel vissen, haaien, schildpadden, roggen... Maar het duiken is wel heel erg prijzig... Geen ervaring met duiken? De kinderen ook niet en zij mochten er toch een 'discovery dive' doen en anders kan je ook altijd gaan snorkelen rond het eiland.
Na een paar dagen aan het strand, helemaal weg van de wereld, in Playa Venao te verblijven, was het tijd voor iets anders. We trokken richting Boquete, het bekendste bergdorpje van Panama. We hadden hier een beetje schrik voor een tourist-trap, maar eigenlijk was die schrik niet nodig. Verder stopten we op de terugweg naar Panama city ook nog in Valle de Anton, maar deze plek is voor ons totaal overroepen, dus ik ga het er verder niet over hebben.
In Boquete ontsnap je even aan de hitte van de Panamese stranden. Toen wij er verbleven was het een aangename 25 graden. Wij verbleven even buiten het echte stadje (bij Spanish by the River, een aanrader!). In Boquette is er echt voor elk wat wils: lange hikes op de vulkaan, kortere wandelingen naar watervallen, zwemmen, raften, paardrijden,... Omdat ook hier de activiteiten relatief prijzig waren, hebben wij geprobeerd om gratis / bijna gratis activiteiten af te wisselen met duurdere georganiseerde trips.
Een absolute voltreffer was de paardrijtocht door het bos en de koffieplantages in Boquete. Wij waren een nogal gemengd publiek van 'volgt elke week paardrijles' tot 'ik heb nog nooit op een paard gezeten'. Ikzelf zat ergens tussen in met 'ik heb toen ik jong was ooit een paar paardrijkampen gedaan'. Maar eigenlijk kan iedereen deze prachtige tocht maken. Je rijdt op een echt cowboyzadel, je houdt de teugels met 1 hand vast, je zadel met het andere. De paarden weten de weg en zijn de tocht gewoon. Enkel op het einde moet je je even goed vasthouden, want als ze hun stal ruiken, gaan ze er in volle gallop vandoor.
Een andere voltreffer was gaan raften, hoewel dit ook prijzig is, was het zijn geld zeker waard. Je bent een volledige dag op pad, waarvan toch een dikke 2,5uur in of rond het water. Het minst leuke is de lange busrit naar de rivier, maar eenmaal in het frisse water, vergeet je dat meteen. Voor mij was het de allereerste keer raften en de rivier was zeker wild genoeg... benen vol blauwe plekken nadat ik uit de boot was gevallen horen er bij zeker? Maar de gidsen maken van deze dag en een super fijne belevenis door de boten vakkundig in de rapids en toevallig altijd net op de grote rotsen te sturen... waardoor we vervolgens achteruit de rapid indoken. Ongeveer halverwege het parcours stop je voor een eenvoudige maar lekkere lunch.
Verder moet je in Boquete ook minstens 1 hike doen. Wij kozen ervoor om naar de hidden waterfalls te stappen. Deze korte hike (ongeveer 2 uur) leidt je door de jungle naar drie watervallen. Wij stopten na de tweede waterval, omdat we nog na het paardrijden doorreden naar de watervallen en dus relatief laat aan de hike begonnen (de toeristische gidsen zeggen dat je ten laatste om 15u aan de hike mag beginnen, maar dat klopt niet. Wij mochten nog beginnen wandelen om 15u45, maar kregen we de raad om slechts 2 watervallen te bezoeken). Onderaan de tweede waterval kan je trouwens zwemmen.
Meer waterpret vonden wij bij Los Cangilones de Gualaca, op ongeveer 45 minuten rijden van Boquete. In deze kleine Canyon kan je heerlijk zwemmen van van de rotsen springen. De rotsen zijn absoluut niet hoog en nadat je in het frisse water bent beland, laat je je een tiental meter meedrijven met de stroming tot je op een plek komt waar je er gemakkelijk uit kan klimmen. En dan ga je terug en spring je opnieuw. Heerlijk!
Panama lijkt misschien niet de meest voor de hand liggende bestemming vanuit Europa. Panama moet nog steeds onderdoen voor Costa Rica wat toerisme betreft. Maar als je tijdens de zomervakantie een reis naar Midden-Amerika plant, is Panama zeker een aanrader. Het weer is er een pak beter dan Costa Rica en het is ook nog een beetje goedkoper.
© 2026 Goeie Reis!